Kom tot mij, o griep

Dat er mensen zijn die roekeloos met hun gezondheid omgaan, is een bekend gegeven, en dat moeten die mensen vooral zelf weten. Wanneer daarentegen de overheid roekeloos omgaat met de gezondheid van haar burgers, is er sprake van een kwalijke zaak.

Neem nu die Mexicaanse griep. Je kunt tegenwoordig geen halfje bruin meer halen of de bakker begint omstandig zijn antigriepmaatregelen te verkondigen, daartoe aangespoord door het ministerie van volksgezondheid. Op radio en tv, in de krant, op je werk, op school: overal krijg je ervan langs met die zo-houden-we-grip-op-griep-kolder, en als je een huurcontract tekent, krijg je niet eens meer een hand. Het ontbreekt er nog maar aan of Page wordt verplicht om alle maatregelen op zijn toiletrollen af te drukken.

Nu vind ik persoonlijk alles beter dan die weeïge kuthondjes, maar wat ik wil zeggen: de griepangst gaat wel wat ver. Wie de voorlichting namelijk nuchter tot zich neemt, ontdekt al snel een wetenswaardigheid waar in de media verdacht weinig aandacht aan wordt besteed: je kunt de Mexicaanse griep slechts één keer krijgen.

Ondanks dat stelt de overheid zichzelf voor een even godsonmogelijke als onnodige opgave, namelijk het houden van grip op de griep. Waar hadden we economisch al niet gestaan als we aan het begin van de zomer met een gerichte infectie-actie met zijn allen hadden bedacht let’s get it over with? Niet alleen had heel werkend Nederland dan noodgedwongen zijn vakantie met koorts in eigen land moeten doorbrengen, waarmee volgens staatssecretaris Heemskerk in één klap alle economische sores al tot het verleden hadden behoord – nee, we hadden dan op dit moment, aan het begin van het nieuwe academische en dus economische jaar, fris en fruitig in de startblokken gestaan om onbekommerd (want voorgoed genezen) de rest van de zieke wereld draaiende te houden. Wat had dát voor onze concurrentiepositie in de wereld betekend! Maar nee hoor, in plaats daarvan gaan we zielig in een hoek de griep een beetje in toom zitten houden.

Waar de overheid faalt, is het zaak om individueel in actie te komen. Ik moet en zal die griep krijgen voordat hij muteert en echt dood en verderf gaat zaaien. Ik kan u echter verzekeren dat dat niet meevalt, want op alle fronten word je tegengewerkt.

Ik begon nog vol goede hoop met een misschien wat naïef telefoontje naar de NUON. Of ik dan misschien langs mocht bij die mevrouw met Mexicaanse griep die al vijf dagen zonder warm water zat en waar geen monteur langs mocht gaan. Werd er doodleuk opgehangen. Later deed ik nog mee aan een schaaktoernooi, waar ik negen dagen lang minstens tweemaal per dag de hand van een schaker schudde en in de tussentijd geregeld neus, mond en ogen betastte bij wijze van nadenkende houding (die nota bene nog de krant haalde, maar dat terzijde). Nog altijd kreeg ik er geen griep van.

Pas weken later, ik was al bijna ten einde raad, plofte de griepfolder op de deurmat. Hierin stonden voldoende aanwijzingen om de griep te voorkomen, die, als je de hysterie mocht geloven, onherroepelijk de griep tot gevolg moesten hebben als je ze met voeten zou treden. Sindsdien was ik mijn handen niet meer, slaap ik in een hermetisch afgesloten ruimte en sleep ik alle vrouwen die ik vaker dan twee keer per dag hoor kuchen mee naar een speciaal voor de gelegenheid aangelegd ongeventileerd hol, alweer ik hen dwing tot handelingen die ik hier niet op schrift zal stellen maar die, gelooft u mij, uitsluitend gericht zijn op de overdracht van griepbacillen – waarbij andere transacties helaas niet uit te sluiten zijn. En de mannen krijgen een hand.

Maar: nog steeds geen griep. Inmiddels struin ik de afvalbakken af op zoek naar gebruikte zakdoekjes en heb ik me toegelegd op de plaatsen waar mensen het vaakst met hun vieze handen aan zitten. Dan loop ik bijvoorbeeld een metro in en lik ik zo’n stang waar iedereen zich aan vasthoudt van onder tot boven af.

Zo langzamerhand begin ik dit alles een beetje armoedig te vinden. Toen Guusje ter Horst opriep tot een opstand van de elite, stelde ik me daar toch iets anders bij voor. Graag draag ik mijn steentje bij, maar er beginnen zich nu merkwaardige blaasjes op mijn tong te vormen, ik ruik niet meer zo fris en bijvoorbeeld in zo’n metro kijken mensen me soms aan alsof ik iets heel raars aan het doen ben, helemaal wanneer ik uitleg dat ik mijn leven aan het redden ben. Is dat nou allemaal nodig?, vraag ik mij dan af. En vooral: kan dat niet wat makkelijker?

Dus:

Geachte influenza,
Beste griep,
Ha Eén en Eén,

Verlos mij en kom tot mij. En snel graag een beetje.

Meer van deze onzin?

Meld je aan en ontvang een mailtje bij elk ei dat gelegd is.
Loading

7 gedachtes over “Kom tot mij, o griep”

  1. De wens is de vader van de gedachte…Juist omdat de overheid ons aanraadt thuis te blijven zodra wij ons niet lekker voelen komt de voorspelling uit dat in oktober 30 procent van de werkenden in ons land thuis zitten en het een probleem wordt de economie draaiende te houden. Dat wordt nog schrikken wanneer bedrijven erachter komen dat zij makkelijk met een personeelsbestand van 70 procent verder kunnen…ha!

  2. Ik ben met net zo’n project bezig. Mijn hoop is gevestigd op mijn collega die weer een man heeft die weer een baan heeft met collega’s die hem schijnen te hebben, die griep. Maar hij heeft hem zelf nog niet, laat staan zijn vrouw. Maar we blijven hopen.

  3. Ik wil nog net niet zo ver gaan dat ik met je mee ga in die hermetisch afgesloten ruimte, maar verder ben ik een bondgenoot. Vooral heb ik besloten dat ik het liefst NU vast die griep wil hebben gehad, in plaats van pas straks in Argentinië. (Waar de studenten twee weken langer vakantie hebben gehad dankzij de griep, maar dat terzijde.) Dat van die stang aflikken had ik zelf nog niet bedacht trouwens. Dank voor de tip.

  4. Je maakt een denkfout. Als iedereen in zijn vakantie het bed had moeten houden, zouden die dagen later gecompenseerd moeten worden. Dat betekent dat die mensen twee keer afwezig geweest zouden zijn. Voor het overige sluit ik me geheel bij het cynisme van je column aan. Temeer omdat ik bij een bedrijf werk waar de maatregelen extreem zijn. Ik heb nog geen griep. inmiddels wel: angstpsychose, smetvrees, aanrakingsangst. keelpijn vanwege de desinfecterende dampen, ontvelde handen van het veelvuldig wassen met desinfectant.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.