Van jonge mensen…

In de schier oneindige sequel Van jonge mensen, de dingen die voorbijgaan, waarin u eerder mijn collegameisje zwanger zag worden, ontving ik deze week een mailtje van Maat.

Maat, moet ik even uitleggen, is degene die jarenlang met wisselend succes optrad als beschermheer van de auto’s op de straat achter het garagepleintje waar wij dagelijks voetbalden. Ik ontwikkelde er een verwoestend schot in de benen; hij leerde er keepen, aangezien iedere hoop op nog enige baltechniek als speler reeds lang vervlogen was. Zijn befaamde uittrap belandde zelden in mijn voeten, maar des te vaker

  • op het dak van de garages, waar hij dan met een soepele sprong op klom TENZIJ ik in mijn beste Grobbebol-imitatie ‘O jee, Grobelia!’ riep, want dan moest hij zo hard lachen dat het niet lukte (sorry, daar moet je bij geweest zijn);
  • op de lat van het doel, tenzij hij daar op mikte;
  • in de meest uiteenlopende tuinen, maar bij voorkeur in die van meneer Van der Hoek, die dan in grote woede ontstak, hetgeen naar later bleek slechts een zwak excuus was om in zijn garage van zijn verborgen drankvoorraad te gaan snoepen;
  • tegen de schilder, ik zie hem nog staan, kwast in de ene hand, pot verf in de andere, en volslagen machteloos ziet hij de bal naderen die wel minutenlang onderweg lijkt maar die hem onvermijdelijk, ja hoor, daar gebeurt het al, **SPFLASH**, van zijn trapleer af gaat kegelen.

Maat was (en is, zo vermoed ik) acht jaar ouder dan ik, maar in zijn gedrag een eeuwig klein kind. In plaats van één keer tegen zijn moeder te zeggen dat hij het gezonde kwarkje dat zij iedere dag voor hem klaarzette, toch echt niet bliefde, gaf hij er de voorkeur aan om 365 kwarkjes per jaar door de plee te spoelen. Als je hem bij een fietspuzzeltocht de mogelijkheid bood bonuspunten te scoren door een pismatje van McDonald’s met mikvlieg mee te nemen, dan kwam hij aan met een pismatje van McDonald’s met mikvlieg. En als hij tijdens het voetballen een onweerstaanbare grote boodschap voelde opkomen, klom hij liever in een boom dan dat hij een sprintje naar huis trok – en gevraagd naar de praktische bezwaren van bijvoorbeeld het ontbreken van wc-papier antwoordde hij dan doodleuk dat hij van tevoren al prima had kunnen inschatten dat hij dat deze keer niet nodig zou hebben.

Het kleine kind mailde om te vertellen dat hij volgend jaar gaat trouwen.

Tijdens mijn sollicitatiegesprek heb ik de clichévraag waar ik mezelf over vijf jaar zie (ze vragen nooit eens waar je jezelf over drie of zeven jaar ziet, altijd vijf) nog zo behendig ontweken. Ach, antwoordde ik, vijf jaar geleden zag ik mezelf hier ook niet zitten, dus daar houd ik me niet zo mee bezig. Maar misschien moet ik toch eens wat serieuzer over een antwoord nadenken; dan ben ik volgende keer mogelijk wat beter voorbereid.

Meer van deze onzin?

Meld je aan en ontvang een mailtje bij elk ei dat gelegd is.

4 gedachtes over “Van jonge mensen…”

  1. Deze verhalen ken ik al jaren, maar ik moet er nog steeds om lachen. Ach ja, die maat, toen hij nog een heel klein maatje was kwam hij hier al spelen. Toen was hij al bijzonder. En ook mijn felicitaties aan hem natuurlijk.

  2. Mijn reactie over ‘toekomstdenken’ werd iets te uitgebreid en ongestructureerd, dus dat heb ik maar gelaten. Wel wil ik tegen Maat zeggen: gefeliciteerd!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.