Aboutaleb

Hoewel al weer enkele jaren woonachtig in het pittoreske Haarlem en al langer werkzaam in 020, ben ik een geboren en getogen Rotterdammer. Dat ik de burgemeester van mijn nieuwe woonplaats straal voorbij zou lopen als ik hem op straat zou tegenkomen (als ik al op zijn naam zou komen) heeft natuurlijk deels te maken met de omvang van Haarlem, maar vooral met het feit dat ik me nog altijd eerder Rotterdammer dan Haarlemmer voel. Dat zal ook nooit veranderen, en er is niemand die het me kwalijk neemt.

Toch zijn bij mijn verhuizing naar Haarlem alle formele banden met mijn geboorteplaats rücksichtslos doorgesneden. Dat ik mijn huisvuil daardoor niet meer aan de Roteb kan aanbieden is te overzien, maar doordat ik ook niet meer voor de gemeenteraad mocht stemmen, heb ik lijdzaam moeten toezien hoe de mannen van Leefbaar Rotterdam als een soort vijfde colonne van het proletenvolk de raadszetels inpikten. Ik had daar als Rotterdammer voor het leven graag iets tegen gedaan, maar helaas werkt het hier zo dat je als ingezetene direct hebt afgedaan zodra je de stad verlaten hebt.

In Marokko gaan ze daar – en ik vermijd hier wijselijk een waardeoordeel – heel anders mee om. Eens een Marokkaan, altijd een Marokkaan, is daar de stelregel, of je nu wilt of niet. Als de moderne technologie ooit nog eens het Rifgebergte bereikt, zullen ze je paspoort daar onder je huid gaan implanteren om het fysiek onmogelijk te maken er afstand van te doen, maar ook nu kan dat feitelijk al niet.

Als we dan accepteren dat mensen in principe de vrijheid hebben om zich elders, laten we zeggen in Nederland, te vestigen en er wordt in een extreem geval van jou als Marokkaan verwacht dat je je volledig assimileert, dan is expliciet, in woord en daad, kiezen voor het Nederlanderschap het uiterste wat je kunt doen – van die Marokkaanse nationaliteit kun je nu eenmaal niet af.

Ahmed Aboutaleb is zo iemand. Er was een gedoetje rondom zijn twee paspoorten toen hij staatssecretaris werd, maar ten overstaan van talloze camera’s wapperde hij met zijn Nederlandse paspoort en verklaarde hij dat hij expliciet voor het Nederlanderschap had gekozen. Hij zet dat doorlopend kracht bij met ferme uitspraken over jongeren die het best hun koffers kunnen pakken als de manier waarop we hier met elkaar omgaan ze niet aanstaat.

Daarmee zou je zeggen dat de onderbuikpartijen die helaas als enige de problematiek echt aan de kaak durven te stellen in Aboutaleb een medestander vinden. Terecht klagen zij immers voortdurend over het gebrek aan kritische geluiden vanuit de moslimgemeenschap. Een serieus probleem, dat je echter Aboutaleb als laatste kunt aanrekenen.

Helaas is Aboutaleb behalve Marokkaan ook PvdA’er. Hoewel dat hetzelfde schijnt te zijn, betekent het dat hij nooit zal zeggen wat hij denkt of doen wat hij zegt. Ronald Sørensen, fractievoorzitter van Leefbaar Rotterdam met de eloquentie van een zeekoe, had daar slechte ervaringen mee en dus zou Aboutaleb zonder enige twijfel uit hetzelfde hout gesneden zijn. In een hemeltergend optreden bij Nova weigerde hij Aboutaleb niet alleen te feliciteren met zijn voordracht, maar bleef hij ook nogal hinderlijk en kinderlijk hameren op dat Marokkaanse paspoort, alsof de kous met het terugsturen daarvan af zou zijn (en Aboutaleb een ander persoon).

‘Lekker weertje vandaag he, meneer Sørensen?’
‘Meneer Aboutaleb moet zijn paspoort in een envelop stoppen, er Marokko opschrijven en hem dan op de post doen.’
‘Met Feyenoord gaat het trouwens niet zo goed, vindt u niet?’
‘Ik heb de oplossing al aangegeven: hij moet gewoon zijn paspoort terugsturen.’
‘En zondag uit tegen Willem II, altijd lastig.’
‘Zoals ik al zei: pak een envelop, doe dat paspoort erin en stuur het terug.’

Een dag later deed Geert Wilders er nog een schepje bovenop door Rotterdam nu Rabat aan de Maas te noemen. ‘Nog even en we krijgen een imam als aartsbisschop’, zo redeneerde hij, waaruit we kunnen concluderen dat hij ook in Aboutaleb een vertegenwoordiger van de vijfde colonne van moslims ziet wier enige motief voor een verblijf in Nederland de volledige heerschappij is.

Ik heb het nog wel eens voor Geert opgenomen, maar over deze reactie ben ik werkelijk verbijsterd. Als Ahmed Aboutaleb kennelijk niet voldoet aan de eisen die we in Nederland aan Marokkanen moeten stellen, dan bestaan er geen mensen die er wel aan voldoen. En dan moeten ze dus allemaal weg.

U zult misschien zeggen dat dat niets nieuws onder de zon is, maar dat is het wel. Altijd was er wel een kwestie met een handweigeraar, een voorbeeld van vrouwenonderdrukking of een geval van straatterreur, kortom afwijkend gedrag dat dan misschien tot het idiote werd uitvergroot, maar wel altijd een legitieme aanleiding vormde om wellicht wat minder legitieme standpunten aan op te hangen. Nu hebben we het over het toonbeeld van wat je de ‘Moroccan dream’ zou kunnen noemen: een welbespraakte succesvolle man (dat dan weer wel) die iedereen een hand geeft, vrouwen gelijkwaardig acht en criminele jeugd het leven zuur maakt. Die blijkt dus ook niet goed genoeg.

Of we moeten nu aannemen dat volgens de Partij voor de Vrijheid niemand van Marokkaanse afkomst de vrijheid heeft om zich in Nederland te vestigen (hetgeen overduidelijk een strafbaar standpunt is), of de vraag dringt zich wel heel nadrukkelijk op onder welke voorwaarden iemand van Marokkaanse afkomst dan wel geaccepteerd kan worden als Nederlands staatsburger. Maar er is natuurlijk geen politicus die die vraag gaat stellen.

Jordi

‘Hallo. Wij kennen elkaar niet, maar we zijn wel vrienden.’
Het gezicht van Jordi veranderde in één groot vraagteken.
‘Want jij bent Jordi…’
Lichte paniek brak uit -
‘…en ik ben zero.’

Het voert wat ver om Jordi een groupie te noemen, maar hij heeft zich wel ooit laten ontvallen dat ‘van de ongeveer 40 weblogs die ik dagelijks check, [..] dit (dit dus, red.) mijn favoriet [is]‘. Mensen met zo’n schrijnend gebrek aan goede smaak verdienen geestelijke ondersteuning. Het moest daarom tot een persoonlijke ontmoeting komen. Jordi verdiende dat.

Groot was dan ook mijn vreugde toen bij stom toeval bleek dat dezelfde Jordi die al zerofan, last.fm-vriend en linkedin-connectie was ook de Jordi is waar mijn vriendin zo af en toe onschuldig, althans, daar ga ik dan maar van uit, denk erom hoor Jordi!, zaken mee doet. Jordi is namelijk fotograaf, en ik durf wel te zeggen dat van de ongeveer 40 foto’s die ik dagelijks bekijk, Jordi de mooiste maakt.

Het is mooi dat de wereld soms zo klein is, en om dit te vieren bezocht ik een borrel waarvan ik wist dat Jordi er zou zijn maar waar ik zelf eigenlijk niet zo veel, om niet te zeggen niks, te zoeken had. Daar speelde de bovenstaande ongebruikelijke kennismaking zich af. Er is geen betere manier om met je publiek in contact te treden dan onder het genot van gratis bier.

Inderdaad bleek Jordi nogal doorgeschoten in zijn bewondering. Stille bewondering, moet ik daaraan toevoegen, want Jordi is geen fanatieke reactionist. Hij legde uit dat hij meestal weinig anders toe te voegen heeft dan ‘haha’, en dat laat hij dan liever achterwege (hoewel hij het soms niet kan laten). Dat vond ik wel mooi om te horen, en het bevestigt maar weer eens de wetmatigheid dat hoe beter het stukje, hoe minder reacties.

In zijn blinde adoratie voorzag Jordi een grote toekomst voor mij als columnist, schrijver en opiniemaker, hij liet nog net niet het woord ‘Nobelprijs’ vallen maar noemde me bijvoorbeeld wel in één zin met Richard Dawkins (te weten de zin ‘Ik ben nu dat boek van Richard Dawkins aan het lezen en trouwens, wil jij nog een biertje?’). Het leek me verstandig om er maar niet al te veel op in te gaan, behalve dan op dat nieuwe biertje.

Zoals dat gaat met virtuele kennissen die je voor het eerst tot mens van vlees en bloed getransformeerd ziet, was het leven achter de computer verder het voornaamste onderwerp van gesprek. Zo spraken we onze bewondering voor last.fm uit en deelden we onze afschuw over hyves.

Bij thuiskomst vond ik in mijn digitale postvak een uitnodiging om vrienden te worden. Waar ik nog op wachtte; krabbel Jordi!

Daarmee is een intimiteitsgrens ernstig overschreden. Jordi kan definitief als virtuele lezer geschrapt worden.

Oortjes

Oortjes.
Vroeger zaten daar nog van die watjes omheen. Ik begreep dat nooit. Ik dacht altijd dat die er waren om de oortjes zelf tegen oorsmeer te beschermen, maar dat leek me eerder averechts te werken omdat die oranjige prut veel beter aan de stof hechtte dan aan de luidsprekertjes – koelkastsmeerbaar als het bij mij althans altijd was. Later heb ik mezelf er maar van overtuigd dat de bescherming eerder mijn gehoorwegen betrof, al begreep ik nooit wat een lapje stof dan meer zou vermogen dan, om maar iets te noemen, een lager volume.

Weer later concludeerde ik dat ik me dat terecht had afgevraagd; de beschermertjes verdwenen, kennelijk overbodig geworden. Dus of men had de schadelijke gevolgen onder controle, of men had de strijd opgegeven.

Of de productie van oorsmeer was onder druk van de iPod bij de mens weggeëvolueerd, dat zou natuurlijk ook nog kunnen. Feit is dat je tegenwoordig oortjes zonder watjes behoort te dragen, waarbij ik de kolossen van koptelefoons waarmee sommige hippe lieden zich heden ten dage wensen te tooien voor het gemak maar even als een verwaarloosbare modegril negeer.

De oortjes zelf hebben zelf intussen ook een hele evolutie achter de rug. Ik weet nog goed hoe mijn moeder (tegen beter weten in natuurlijk) waarschuwde voor het levensgevaar dat schuilde in het luisteren van muziek op de fiets. Nu ben ik op zich niet het type dat ervan houdt om oude koeien uit de sloot te halen om zijn eigen gelijk aan te tonen (*kuch*), maar moet je nu eens naar de Tour de France kijken: er is geen renner meer in het hele peloton die zonder die vermaledijde oortjes rondrijdt.

En de beveiliging natuurlijk: met de introductie van het oortje werd de hele branche naar een heel ander niveau getild. ‘Henk, klein stappie opzij, je staat in de baan van mijn schot’, kan de sluipschutter nu waarschuwen, waar vroeger nog wel eens onschuldige slachtoffers vielen.

Maar er zijn grenzen, en die zijn wat mij betreft overschreden nu het oortje zijn intrede heeft gedaan in de kledingzaak. Zijn die verkoopsters van tegenwoordig dan echt zo dom dat ze uit zichzelf niks meer kunnen zeggen?

In het magazijn, tussen de echte kledingdozen, zit de bedrijfsleider achter een tiental monitors aanwijzingen te souffleren: ‘Psst, Marieke, daar links, die lange slungel met die stomme jas, die ziet eruit alsof hij wel wat nieuws kan gebruiken… nee links, stomme doos, links! waar je duim rechts zit, zeg maar… ja, die inderdaad… probeer die sukkel een smalletje aan te smeren want die raken we anders aan de straatstenen niet kwijt… goed zo… laat hem ook die achterlijke ruitjesbloes maar passen… juist… tieten vooruit, Marieke, je hebt zijn aandacht… nee hoor meneer, dat hoort juist zo strak, staat u hartstikke goed… dit wordt ‘m? Mooi, alleen de korting was helaas maar tot gisteren geldig, sorry, niets aan te doen.’

En die arme schapen kunnen niks terugzeggen! Het is ongehoord.

Tienletterkredietcrisislingo

Het is tijd voor Tienletterkredietcrisislingo!

De oplossing is van toepassing op klanten van IceSave. Ik kan u verklappen dat het aantal hits van dit woord in Google slechts één (1) is, dus plaatst u a.u.b. als oplossing het aantal hits van de versie met een spatie. Hoewel de versie met twee spaties me persoonlijk nog meer aanspreekt.

IJsland, brrr

Hulde voor deze poëtisch ingestelde koppenmaker! Gezien de introtekst had er natuurlijk strikt genomen Nederland moeten staan in plaats van IJsland, maar je krijgt niet iedere dag de kans op zo’n fraaie kop.

kredietwet.nu

Ik kan de futiliteit van mijn bijdragen nog zo benadrukken, maar als je Mao boven aan je blog hebt staan en je snijdt ook maar sporadisch een maatschappelijk enigszins relevant thema aan, dan ontkom je er niet aan dat je zo nu en dan benaderd wordt door een linkse geest die in jouw blog een mooi platform ziet voor het uitventen van een vermeend gedeelde mening. Dergelijke bedelarij kan bij mij altijd op een warm onthaal rekenen.

Zo werd ik deze week uitgedaagd om deel te nemen aan een heuse blogbattle. Althans, battle: het was natuurlijk niet de bedoeling om je zieltogende collega-prutschrijvers door het slijk te halen (stel je toch eens voor!). Nee, de uitdaging bestond erin om een stukje code op je site te plaatsen – toegegeven, een hele uitdaging voor iemand met de programmeerkennis van mijn moeder, maar niet iets waar ondergetekende zijn hand voor omdraait.

Doel van het stukje code was om zo veel mogelijk handtekeningen te verzamelen ‘voor een krachtige Klimaatwet’. Milieudefensie had de ganse (zwaar vervuilde) blogosfeer afgestruind en mij geselecteerd in de naïeve veronderstelling dat ik deze sympathieke actie wel zou ondersteunen.

Op de site las ik dat deze krachtige wet twee zaken zou behelzen: jaarlijks minstens 3% minder broeikasgassen spatie uitstoot en ondersteuning van ontwikkelingslanden in de strijd tegen klimaatverandering. Twee zaken die ik op zich van harte ondersteun, maar het is natuurlijk volstrekte lariekoek om te denken dat het gebeurt zodra het in de wet verankerd is. Zo kunnen we ook wel 3% minder files, 3% minder moorden en 3% minder spaties willen; leuke doelstellingen, maar zonder concrete acties natuurlijk niets meer dan gebakken ozonlucht. Welk een grenzeloze onnozelheid om daadkracht te bevroeden in zulke papieren dadeloosheid!

Bovendien, in een echt krachtige klimaatwet zou ik nog veel meer, en vooral ook andere zaken geregeld willen zien. Nooit meer sneeuw bijvoorbeeld. Maximaal dertig millemeter neerslag bij een zomerse bui. Nooit meer Rita, in meerdere opzichten. De Elfstedentocht definitief verbannen naar de canon van de Nederlandse geschiedenis als verwerpelijke folklore uit langvervlogen tijden. Een heldere keuze voor bomen: of het hele jaar in blad, of altijd kaal, maar niet ieder jaar dat gelazer met die afvallige bladeren en alle NS-vertraging van dien.

Kijk, zo’n wet, daar teken ik voor.

Maar goed, als het allemaal dan toch zo makkelijk gaat, dan zijn er wel urgentere zaken om op te lossen. Om te beginnen natuurlijk de kredietcrisis. Teken daarom nu voor een krachtige Kredietwet:

Geachte regering en leden van de Tweede Kamer,
Onze economie verandert razendsnel. Daarover maken wij ons grote zorgen. Halve maatregelen volstaan niet meer. De aandelen van Fortis moeten drastisch omhoog. Laten we nu vól inzetten op schone handel en een energieke spaarrekening.
Daarom doe ik [is het nou we of ik?, red.] een dringend beroep op u! Voer snel een krachtige Kredietwet in. Leg daarin vast dat Nederland:

  • jaarlijks minstens 3% hogere aandelenkoersen haalt, en;
  • ontwikkelingslanden steunt in de strijd tegen de kredietcrisis.

Aangezien ik zelf ook weer niet zo heel handig ben met programmeren, wil ik u vragen gebruik te maken van het scriptje van klimaatwet.nu. U vindt mij daar in de ranking spatie lijst als kredietwet.nu.

Met een beetje geluk heeft het klimaat er ook nog profijt van.

Download flash player om de blogbattle banner te zien.

Fortis

Een beetje een anti-climax is het wel: wekenlang zitten we in spanning en dan komt op de voorlaatste bladzijde van het avontuur ineens Wouter Bos tevoorschijn als was hij Jerommeke, deus ex machina par excellence, om met één simpele handeling de grote boze vijand te verslaan. Moest hij nou werkelijk de Lambikken (of is het meervoud van Lambik Lambiken, conform de perziken en monniken?) en Sidonia’s van deze wereld eerst met de teletijdmachine van professor Barabas naar 1848 laten flitsen om hen in te laten zien dat je dit soort zaken toch echt het beste aan Vadertje Staat kunt overlaten?

Je hoort dezer dagen ook verdomd weinig VVD’ers verkondigen dat je de markt vooral zijn werk moet laten doen. In plaats daarvan zullen ze binnenkort wel beginnen over hoe de regering de beloofde terugdringing van het aantal ambtenaren op deze manier denkt te gaan realiseren. Klagen over de deal kunnen ze in ieder geval niet: stak Fortis vorig jaar nog een slordige 24 miljard in ABN Amro, nu neemt de overheid ABN én Fortis over voor een luizige 16,8 miljard. Dat doet denken aan Nikos Machlas, ooit voor een fortuin door Ajax aangetrokken om na een paar hemeltergend slechte seizoenen weer voor een volle benzinetank doorverkocht te worden.

Intussen is het maar zeer de vraag of de ingreep daadwerkelijk gaat helpen. Op Wall Street was de tevredenheid over het overheidsingrijpen van korte duur, zogenaamd omdat beleggers er weinig vertrouwen in hadden dat de crisis hiermee bezworen zou zijn. Hebben die mensen dan zo’n verknipte taakopvatting dat ze niet beseffen dat zij zelf de sleutel in handen hebben? Dat zij maar vertrouwen hoeven uit te stralen of er is vertrouwen? Dat zij de niet te missen voorzet van de financiële injecties maar hoeven in te tikken door de beurskoersen te doen stijgen en we kunnen weer rustig gaan slapen?

Het zou wat zijn als de Nederlandse taal plotseling niet meer zou functioneren als ik er op mijn werk met de pet naar zou gooien. Maar daar kraait natuurlijk geen kip naar.

Dat we hier collectief gedupeerd worden door een stel werkschuwe lamstralen maakt de appel wel extra zuur. Behalve dan voor Balkenende, die als nieuwe topman van Fortis en ABN Amro met de kerst samen met Bianca mag genieten van een welverdiende bonus die een veelvoud is van zijn eigen norm.