Poep

Zou Jan Peter Balkenende tegen Willem-Alexander, vlak voordat deze naar Afrika vertrok om de top van de Afrikaanse Unie bij te wonen, in een koddige bui gezegd hebben: “als jincontinent ben, moet jover poep praten”, en dat WimLex dat begrepen heeft als: ‘als je in dat continent bent, moet je over poep praten’?

Ik kan me anders niet voorstellen waarom onze anders zo beschaafde kroonprins in Sharm el-Sheikh, waar overigens nog wel eens stront aan de knikker is, maar dat terzijde, heeft opgeroepen om het taboe op menselijke uitwerpselen te doorbreken. Niettemin: hij heeft het gedaan, en gelijk heeft-ie natuurlijk. Hondenpoep is vies en daar wil ik het verder ook niet over hebben, gadverdarrie nog aan toe, maar wat gaat er nu boven een heerlijk potje schijten, faxen uit Darmstadt of een biels uit je rug drukken?

Na het vernemen van het goede nieuws heb ik mij direct op het toilet vervoegd, alwaar ik met ijzeren precisie een volmaakte C produceerde, waarover ik een volgende keer, met permissie van de kroonprins, graag nog wat verder zal uitweiden.

Ook in Afrika moet het een dolle boel zijn geweest. Willem-Alexander had voor alle leiders een wc-pot meegenomen (‘om jullie te ontlasten’), en hij prees allen die zich met dat gevaarte op de foto lieten zetten, ook al begrepen sommigen niet hoe dat doortrekken nou precies werkte, zo midden in de woestijn.

Tsja, ze hadden het natuurlijk ook over Zimbabwe kunnen hebben, of over de noodzaak van voedsel om überhaupt te kunnen poepen. Maar vandaag hadden ze het over sanitatie, want 2008 is door de VN uitgeroepen tot het Internationale Jaar van de Sanitatie. Van Willem-Alexander mogen we het nu gewoon een schijtjaar noemen.

Interessant werd het pas echt toen Prins Poep uit de doeken deed hoe sanitatie zichzelf terugbetaalt. ‘Elke dollar die u investeert genereert 9 dollar aan productieve activiteit’, zei hij. Zoiets laat ik me geen twee keer vertellen. Ik zette een flinke pot koffie, vertrok naar het dichtstbijzijnde café, waar uiteraard net de sigaret ten grave werd gedragen (een roquiem), slikte nog wat laxeermiddelen en meldde mij vervolgens op het station, waar ik voor 50 eurocent mijn behoefte kon doen. Ik kan u verzekeren, en ik kan er dankzij de kroonprins wederom ongegeneerd over praten, dat er een bijzonder productieve activiteit op gang kwam.

En nu heb ik volgens mijn eigen berekeningen dus ongeveer 4 euro 50 verdiend. Dat is kennelijk het geheim: nooit meer ergens gaan poepen waar het gratis is. Dat zal nog wennen worden, want thuis niet kunnen poepen, dat is ongeveer hetzelfde als niet kunnen roken in de horeca.

Zweet

Ik wil best accepteren dat de verschillen in de topsport heden ten dage door kleine details gemaakt worden, maar van de neurotische zweetbestrijding in de tenniswereld word ik toch echt een beetje kriegel. Al die spelers die na ieder punt zo nodig hun gezicht, armen en handen moeten afdrogen: denken die nou werkelijk dat ze kansloos zijn als ze een puntje overslaan? Heeft Björn Borg in zijn hele glansrijke carrière ook maar één keer om een handdoek gevraagd terwijl hij op de baan stond?

Ik vermoed dat Ivan Lendl de aanstichter van het kwaad is; die had altijd aan twee armen van die polszweetbandjes tot aan zijn schouders. Maar daar kwam tenminste nog geen ballenjongen aan te pas. De tegenstander van Lendl, Michael Chang, was trouwens ook irritant: die at na iedere slagenwisseling een banaan. Maar dat was er maar één, en nu is er geen tennisprof meer te vinden zonder afdroogobsessie.

Het heeft natuurlijk alles te maken met de tennissport, die ieder vertragend element tot kunst verheft. Een gemiddelde partij van drie uur heeft een zuivere speeltijd van nog geen kwartier. Neem dat hele gepauzeer om de twee games, waarbij het loopje naar de rustplaats vermoeiender is dan die hele twee games bij elkaar. Waarom moeten voetballers zich twee keer 45 minuten het apenzuur rennen en kunnen wielrenners halverwege de Alpe d’Huez niet even afstappen, maar mogen tennissers, die alleen een beetje heen er weer schuifelen, om de paar minuten 90 seconden uitrusten?

Of van die spelers die bij de opslag drie ballen vragen, deze aan een nauwgezet onderzoek onderwerpen en er dan één retourneren. Je staat godverdomme op Wimbledon, verwaande kwast! Alsof ze je daar kapotte ballen gaan geven! En als een bal niet deugt, meld het dan bij de wedstrijdleiding en geef hem niet terug aan de ballenjongen zodat je bij de volgende service weer een kwartier bezig bent.

Of dan dat hele Hawkeye-gebeuren van tegenwoordig. Spelers hebben het recht op drie McEnroetjes per set, op voorwaarde dat ze niet gaan schreeuwen en netjes om een challenge vragen. Ik zou daar altijd gebruik van maken: de bal het stadion uit meppen en dan om een challenge vragen als-ie uit gegeven wordt – kijken of Hawkeye zijn oog ook daar scherp heeft. Het zou in ieder geval vertragend werken, en dat is kennelijk de bedoeling: als een speler om een challenge vraagt, krijgt de umpire niet gewoon ‘in’ of ‘out’ door Hawkeye ingefluisterd, maar krijgen alle toeschouwers een tergend langzame animatie voorgeschoteld waarin het beeld op weg is naar de plaats delict; vervolgens zien we een beeld van een lijn en een bal waarbij met het blote oog niet vast te stellen is of de bal nou wel of niet de lijn raakt, en pas na een seconde of vijf verschijnt er dan IN of OUT in beeld.

Een rally kan straks een minuut of tien duren: speler 1 stuitert bal, droogt zijn handen af, stuitert nog eens, veegt het zweet van zijn voorhoofd, stuitert nog eens, droogt zijn handen af, gooit de bal heel hoog op, droogt zijn handen nog eens heel snel, slaat de bal via het net in, maar de bal wordt uitgegeven, dus een challenge, Hawkeye geeft na een minuut uitsluitsel, de scheids roept ‘first service!’ en we beginnen weer opnieuw.

Het lijkt me leuk als de finale van het EK voetbal, nu wij er toch niet in staan, voor één keer met de regels van Wimbledon worden gespeeld.

Beide teams hebben per helft recht op drie challenges om een buitenspelbeslissing aan te vechten, twee voor een bal die de zij- of achterlijn al dan niet gepasseerd is en één om te protesteren tegen een coach die te ver uit zijn dug-out komt. Na elke drie minuten wordt er 90 seconden gepauzeerd aan de zijlijn. Als het dreigt te beginnen met miezeren (hóógst onwaarschijnlijk in Wenen, maar toch), verlaten alle spelers spoorslags het veld, wordt er een tent opgericht om het gras droog te houden en gaat Cliff Richard een liedje zingen. Wanneer een speler een pass heeft gegeven, rent een ballenjongen met de handdoek van de betreffende speler het veld in, zodat voorhoofd en voetbalschoen kunnen worden afgedept. Bij een inworp krijgt een speler drie ballen toegeworpen, waarvan hij er één weer terug moet geven en een ander in zijn broekzak moet stoppen.

En o ja, alle 22 spelers dragen verplicht witte kleding.

Jammer dat het Middle Sunday is en er niet gespeeld mag worden.

Illegaal

Ik las vandaag dat het CDA neigt naar een verbod op illegaliteit. Let wel: pin me er niet op vast, ze zijn er nog niet helemaal uit, de stemming is ongeveer 65-35, maar portefeuillehouder Van de Camp is voor, dus ga er maar van uit dat het ervan gaat komen.

Ik breek intussen al uren mijn hersenen over het voornemen.

Een verbod op illegaliteit, is dat niet hetzelfde als het strafbaar stellen van een geslaagde zelfmoord of het afkeuren van een doelpunt omdat de bal de lijn niet heeft gepasseerd? Waarom dan niet meteen in één moeite door ook een verbod instellen op abortussen bij niet-zwangere vrouwen, alcohol voor moslims en wildplassen voor mensen met een stoma?

Voor de goede orde: het woord ‘illegaal’ betekent ook wel ‘onwettig’; dat is al een jaar of tweeduizend het geval. De grootste politieke partij van Nederland neigt er nu dus naar om in de wet te verankeren dat onwettigheid tegen de wet indruist.  Ik kan me voorstellen dat men niet over één nacht ijs wil gaan alvorens men over zo’n heikel punt een definitief standpunt inneemt.

Hopelijk schakelt men het wetenschappelijk bureau in en houdt men in de ongetwijfeld zware onderhandelingen rekening met de praktische uitvoering van de anti-onwettigheidswet. Want waar beschuldig je een illegaal eigenlijk van als je hem op grond van deze nieuwe AOW staande houdt? Tsja, van het feit dat hij bestaat terwijl hij onwettig is. Verboden moet hij worden, hij heeft geen bestaansrecht! En opsluiten biedt dan geen soelaas, want je kunt veel van gevangenen zeggen, maar niet dat ze niet bestaan.

Sterker nog: gevangenen die niet bestaan zijn bij wet verboden.

Zo bezien kun je je al doorfilosoferend zelfs afvragen of je iemand die je ervan verdenkt verboden te moeten worden eigenlijk wel kunt aanhouden als hij overduidelijk bestaat – als er handen zijn waar je de boeien omheen kunt slaan en een mond die de naam van de niet-bestaande kan uitspreken.

Zo ver zullen ze bij het CDA nog niet gedacht hebben. Waarschijnlijk zit Hirsch Ballin zich vooral suf te piekeren waar hij zijn ontbiedingen aan bureau straks naartoe moet sturen.

Nederig land

Maxime Verhagen van de week op het Journaal gezien toen Morgan Tsvangirai zich even daarvoor op de Nederlandse ambassade in Zimbabwe had gemeld? Wat was-ie streng he! Helaas was de camera uitsluitend op de geniepige glimlach van onze minister gericht, maar ik weet zeker dat hij zijn bokshandschoenen al had aangetrokken om op ieder moment met Robert Mugabe op de vuist te kunnen gaan als het erop aankwam. Hij, Maxime Verhagen, groot staatsman, verdediger van democratische waarden, stond persoonlijk garant voor de veiligheid van de geplaagde Zimbabwaanse oppositieleider.

Het zijn van die momenten waarop je ToN in je maag voelt opborrelen. De hele wereld heeft op veilige afstand een grote mond, maar bij welk land klopt Tsvangirai aan? Juist. Verhagen was er ook zichtbaar mee in zijn nopjes: hij glimde zo van oor tot oor dat de cameralampen op zijn knoestige neus reflecteerden.

Het vraaggesprekje met de interviewster werd gelardeerd met fragmenten van donkere, vervaarlijk uitziende mannen die voorzien van kapmessen, spiezen en pijl en boog, én met ontbloot bovenlijf, over een steppe-achtig landschap aan het hollen waren. Een beetje merkwaardige montage van de NOS, maar wel sympathiek ten opzichte van het overgrote deel van het Nederlandse volk dat de tronie van Verhagen niet langer dan een halve minuut kan velen. Hoe dan ook, het leken me geen congresgangers van het CDA met een mening over embryoselectie die daar door het beeld renden.

Eerder deden de aanhangers van Mugabe, zij waren het, denken aan het Turkse voetbalelftal: met de inzet zat het allemaal wel snor, maar tegen een geoliede vechtmachine uit een welvarend land als Nederland zou je normaal gesproken geen cent voor hun kansen geven. Zet de meest gedemotiveerde piloten in een Apache, laat ze de hele dag met twee vingers uit hun neus eten tot de dienst er om klokslag 4 uur weer op zit, en dan nog hakken we ze de pan in. En vandaar dus ook de zelfverzekerdheid van Verhagen. Kun je wel, tegen een tegenstander die zijn wapenarsenaal bij een tweedehands Gamma bij elkaar scharrelt?

In hetzelfde bulletin werd gewag gemaakt van de ten hemel schreiende aanklacht tegen Geert Wilders en de daarmee samenhangende boycot waartoe vanuit Jordanië is opgeroepen. Dit alles omdat de Nederlandse regering niet voldoende juridische stappen tegen Wilders zou hebben ondernomen – lees: omdat we hem niet, zoals de bedoeling was, hebben opgehangen.

Sindsdien wacht ik op een ferme repliek van onze minister van Buitenlandse zaken, die grote staatsman, die verdediger van democratische waarden. Maar er is nog geen ambassadeur op het matje geroepen, we hebben nog geen diplomatieke banden verbroken, we hebben zelfs niet eens ons beklag gedaan. Het enige wat we hebben vernomen, is dat Friesland Foods en Zwanenburg met de staart tussen de benen paginagroot hebben geadverteerd in de Jordaanse kranten. Boodschap: wij hebben niks met politiek te maken, maar we distantiëren ons natuurlijk wel van de inhoud van Fitna.

Ik denk dat we hier eindelijk die VOC-mentaliteit op het spoor zijn die Balkenende een paar jaar geleden zo propageerde: zorg er vóór alles voor dat je je centjes veiligstelt. Met Marco van Basten die in de kleedkamer van de Russen de tegenstanders complimenteert kunnen we inmiddels wel stellen dat Nederland vooral een prettig land is voor wie de handdoek in de ring heeft moeten gooien.

Mijn schuld

Ik had er ‘s ochtends nog zo goed op gelet om met mijn rechterbeen uit bed te stappen. Ik ging eerst douchen en daarna ontbijten, want dat ging tegen Italië en Frankrijk ook goed op die manier. Niet geschoren natuurlijk, dat spreekt voor zich. Mijn oranjeonderbroek (géén oranje onderbroek overigens, voor alle duidelijkheid) had ik de avond tevoren al klaargelegd. Over de sokken was ik niet helemaal zeker, maar ik achtte het niet erg waarschijnlijk dat dat enig verschil zou maken.

De treinreis natuurlijk wel. Uiteraard wachtte ik op de rechtstreekse trein naar Rotterdam. Geheel conform de ongeschreven wetten van het plaatsnemen in vierzitjes (en ook hier) had ik daar de keuze om de reis door te brengen tegenover een bijzonder aantrekkelijke jongedame, maar geheel uit vrije wil ging ik tegenover een dikke, hevig naar zweet geurende man zitten. Tegen Frankrijk had ik uiteindelijk ook drie kwartier tegen een onooglijk kereltje aan moeten kijken; die was dan wel tegenover mij komen zitten, maar toch.

Aangekomen in Rotterdam kwam gelukkig tramlijn 20 als eerste aangereden, en niet lijn 25, zodat ik niet voor een heikel dilemma (een kwartier wachten of een foute tram pakken) kwam te staan. Aangekomen op de plaats van bestemming nam ik eerst de klaarliggende ratel ter hand, slaakte ik daarbij een kreet die in stadion De Kuip op een gemiddelde zondagmiddag niet zou misstaan en nam ik daarna pas mijn eerste biertje – alles in die dwingende volgorde dus. Er was ook lekker eten klaargemaakt, en geheel volgens plan kreeg ik vanwege de opgekomen spanning slechts met moeite een hap eten door mijn keel, zo makkelijk als het bier zich een weg richting blaas wist te banen.

So far so good. De uitgekiende voorbereiding had zijn effect niet gemist; ik had alles goed gedaan.

Maar toen, lieve mensen, ben ik de wedstrijd tegen alle EK- en WK-wetten in toch bij P. gaan kijken. En u moet weten dat P. een schat van een man is, maar dat je nooit een voetbalwedstrijd bij hem thuis moet gaan kijken. Dat wil zeggen: ik niet. Met anderen schijnt het best te kunnen, uit betrouwbare bron heb ik zelfs vernomen dat Nederland-Italië daar twee weken terug bekeken is, maar zet mij bij P. voor de buis en Nederland vliegt eruit.

Waar was jij tijdens Nederland-Brazilië op het WK 1998? Ik bij P.
Nederland-Portugal in 2004 en 2006? Ja hoor, bij P. gezien.

Ik dacht dat het wel kon omdat hij in de tussentijd verhuisd is, maar het is natuurlijk onvergeeflijk. Aan gans het volk: sorry, mijn schuld. Ik zal het nooit meer doen.

Vingertip

Het mocht potdorie eens tijd worden: in navolging van Aldi, Dirk van den Broek en al die andere grutters gaat ook Albert Heijn eindelijk eens een proef starten met het betalen via je vingerafdruk. Betalen met je vinger: hartstikke gewoon bij Albert Heijn.

Als het de bedoeling is dat we in de toekomst alleen nog maar met onze handen betalen, dan denk ik dat de invoering daarvan nog wel wat voeten in de aarde zal hebben. Ik vind het althans wel een prettige gedachte dat ik, mocht het nodig zijn, direct nadat ik een half uur in bad heb gelegen iets kan kopen, en niet eerst twee uur hoef te wachten tot mijn omahanden hersteld zijn. En van snoeien in de tuin zal helemaal niets meer terechtkomen als ik daarmee mijn ganse kapitaal op het spel zet.

Maar dat zal mijn tijd wel duren, en daar gaat het me nu dan ook niet om.

Waar het me wel om gaat, is dat de verschillende medewerkers van het betreffende AH-filiaal (allemaal sales spatie managers of iets dergelijks) die gisteren in het RTL Nieuws aan het woord kwamen, zich consequent en zonder uitzondering bedienden van het woord ‘vingertip’.

Kennelijk is er iemand hoog in de boom bij Albert Heijn geweest die heeft gedreigd om bij iedere medewerker die het gewoon over een vingertopje zou hebben een kootje af te hakken. Het is vingertip, mensen, denk erom! Vingerprint had ook gekund, maar misschien was men bang dat wijsneuzen zouden opmerken dat het in het Nederlands dan Vingeruitprint zou moeten zijn (Neeeee! Printen of afdrukken, niet uitprinten).

Dus Vingertip® it is, want ieder nieuw betaalmiddel heeft een kekke naam nodig, ook als het om een lichaamsdeel gaat. De irisscan zal straks ook wel de Eyecatcher© gaan heten.

Uitgekiende marketing dus weer van onze grootste kruidenier, en ook de timing is weer onovertroffen. Eerder al merkte ik op dat als het Nederlands Elftal de finale van het EK zou halen, dit waarschijnlijk te danken zou zijn aan Edwin van der Sar die zijn nagels niet op tijd knipt, maar inmiddels weet ik beter: Sar beschikt over een door AH gesponsorde Vingertip® Pro met magneetwerking. Wat dat betreft hoeft het ook geen verbazing te wekken dat de proef plaatsvindt in een filiaal in (Hans van) Breukelen; ook daar zal wel over nagedacht zijn.

Ik heb sinds gisteravond enkele malen het topje van mijn rechter wijsvinger, want hij is straks uiteindelijk de sigaar, geruststellend moeten toespreken. ‘Het komt wel goed, kleintje,’ zeg ik dan, ‘je blijft gewoon mijn topperste topje, mijn koetsjie-koetsjie-kootje. Alleen bij Albert Heijn ben je een Vingertip®.’

Alsjeblieft, meneer Heijn: vingertip, dat is toch geen Nederlands. Hooguit is het iets wat je vraagt aan een medewerker van de Christine le Duc: heeft u misschien nog een goede vingertip voor mij? En nee, liever niet iets met Welpies.