Voorhoede

Ook Harry Mulisch was voor de Faunapartij. Wat al die schrijvers in de armen poten van de dieren heeft gedreven, is me een raadsel. Zou het te maken hebben met de liefde voor de boekenwurm, een bedreigde diersoort in onze multimediale eenentwintigste eeuw? Of is er, zoals Marianne Thieme het zo graag uitdrukt, echt een intellectuele voorhoede gemobiliseerd voor iets wat over twintig jaar gemeengoed is?

Een voorhoede.

Als ik het woord hoor, moet ik altijd meteen denken aan de enige VVD-lijsttrekker die nog minder indruk maakte dan Mark Rutte. Als Joris Voorhoeve een dier was geweest, was hij een Golden Retriever geweest; voor een mak schaap was hij veel te levendig en brutaal.

Marianne Thieme zul je geen kwaad woord horen zeggen over welk dier of welke sympathisant dan ook. Ik begrijp dan ook volkomen dat ze, Harry’s uiterlijke kenmerken in ogenschouw nemend, liever niet spreekt van het neusje van de zalm. Maar wat bedoelt ze precies wanneer ze een belegen bejaarde betweterige auteur tot de intellectuele voorhoede van het land rekent? Bedoelt ze dat er maar één voorhoede is, waar ik kennelijk niet toe behoor en die mijlenver op mij en mijn collega-would-be-intellectuelen vooruitloopt? Een minderheid, die als eerste doorheeft dat na de slaven, de vrouwen en de homo’s nu de dieren aan de beurt zijn om de rechten waar zij recht op hebben rechtmatig vast te leggen?

Ik heb de parlementaire geschiedenis er nog even op nageslagen, maar ben daar nergens een Partij voor de Vrouwen, een Partij voor de Slaven of een Partij voor de Homo’s tegengekomen. Nederland is nu wel het eerste land ter wereld waar dieren in het parlement vertegenwoordigd zijn, en er zijn mensen die daar nog trots op zijn ook. Persoonlijk vind ik de twee zetels voor de Faunapartij, en het bijbehorende naïeve geloof in de dierenliefde van tienduizenden, een heel stuk schokkender dan de negen voor Wilders. Hoewel: Rein Jan Hoekstra ziet zijn taak iets vereenvoudigd nu wij als mensen nog maar door 148 Kamerleden worden vertegenwoordigd, en er dus ook coalities met 75 zetels denkbaar zijn.

O, dat is natuurlijk flauw. De Partij voor de Dieren is, zoals de naam al aangeeft, helemáál geen one-issuepartij. De Faunapartij is een volwaardige politieke beweging met vanzelfsprekende standpunten in onvoorziene gevallen. Ik vermoed dus dat Marianne Thieme en Esther Ouwehand (is die van dat dierenpark?) vóór een verhoging van de AOW-leeftijd zijn, al hoop ik wel dat ze beseffen dat dan ook de varkensslachters langer door moeten werken.

Ik troost mij in de gedachte dat hier een achterhoedegevecht wordt gevoerd.

Onheilspelling

Eigenlijk is het toch een compleet verkeerd signaal, en dat zeg ik als vermeende taalpurist, dat we de spelling van een woord als ‘boerka’ geheel vernederlandst hebben. Daarmee wek je toch een beetje de indruk dat ze welkom zijn.

Hoewel, het schijnt dat de vrouwen die er een dragen op tien (onschudbare) handen te tellen zijn. Populair spel daarom onder radicale muzelmannen: boerka zoekt vrouw.

Sparta naar vooore!

De rechtgeaarde aanhanger van Sparta Rotterdam heeft het de laatste jaren niet gemakkelijk. Hoewel ik de felicitaties altijd met genoegen in ontvangst neem, komt dat eigenlijk nog het meest pregnant naar voren wanneer een grootmacht verslagen is, zoals Ajax gisteren met 3-0 kansloos huiswaarts werd gestuurd.

Alsof dat zo opmerkelijk is! Alsof ik het er maar goed van moet nemen, omdat de eerstvolgende nederlaag ongetwijfeld niet lang op zich laat wachten!

Toegegeven, het Kasteel is inderdaad niet meer de onneembare vesting die het ooit was. Dat was het eigenlijk ook al niet meer toen ik er eind jaren tachtig voor het eerst kwam, maar de tegenstanders betraden het veld destijds wel zonder uitzondering met knikkende knieën.

Zo strijdlustig als het er op het veld aan toeging, zo ronduit meutig was de sfeer rondom de wedstrijd. In de rust, als de zogenaamd fanatieke aanhang doodleuk het stadion overstak om de tweede helft vanuit een ander perspectief te bekijken, deed de Koetjesreepverkoper uitstekende zaken. Op onze tribune zat een eenzame bejaarde met in een straal van tien meter niemand om hem heen, omdat hij zijn stem 90 minuten lang schor brulde (en daar vervolgens twee weken van moest herstellen). Ja, iedereen kende elkaar en ja, er was plek zat. Kaartjes kocht je aan het loket en werden afgescheurd door iemand die jaren later ‘suppoost’ of ‘steward’ zou heten, maar destijds als corrupte vrijwilliger door het leven ging. Op het laatst moest ik me iedere twee weken op zondagochtend scheren, maar daarmee kreeg mijn vader mij op mijn zestiende nog steeds mee naar binnen op een kinderkaartje, ook al gold die korting tot en met elf jaar.

Bij de wedstrijden tegen de toen nog onbetwiste Top 3 waren de kaarten niet alleen duurder (wel 25 gulden); er werden dan ook geen kinderkaartjes verkocht. Mijn vader, ik zei al eerder dat hij van de Club van Rita is, kon dat schoolvoorbeeld van vraag en aanbod niet waarderen, liet mij vast vooruitlopen en stak de corrupte vrijwilliger vijf gulden toe. Iedereen blij.

Enkele jaren later balanceerde de club weliswaar op de rand van de financiële én sportieve afgrond, maar ik beleefde toch mooi een onvergetelijke Sparta-Ajax, op 19 februari 1989. Het Plein van de Hemelse Vrede moest nog bezet worden, de Muur stond nog. Ron van den Berg, de überkluns uit de Sparta-verdediging, krulde de bal fraai over het Ajax-muurtje om de gelijkmaker aan te tekenen, nadat Ajax al na vijf minuten op voorsprong was gekomen via een meedogenloze penalty van nummer 4 Mark Verkuyl. Het werd uiteindelijk een 3-2 overwinning, behaald op pure sportieve vechtlust zoals je die tegenwoordig nog maar zelden ziet. Om het te vieren mocht ik een Mars.

De wedstrijd gisteren werd beslist door een over het paard getilde wannabe-vedette die de scheidsrechter uitmaakte voor ‘blinde tyfushond’. Er is een hoop veranderd.

Uitgelezen (19)

Ali Smith – The Accidental (2004)

Volgens mij is dit best een heel goed boek, knap geschreven en origineel opgebouwd en zo, maar Ali Smith raakte mij vaker kwijt dan dat ze me bij de les hield. Ik heb dus weer eens driekwart van het boek gemist, al kan dat ook heel goed aan mij liggen.

Tijd voor iets vers van de pers: Dis, de langverwachte nieuwe roman van Marcel Möring. Alle voortekenen (en recensies) wijzen op een grote deceptie; ik houd mijn hart vast.

Duiden

Nadat de meeste stemmen geteld waren, mochten de lijsttrekkers die meer dan drie zetels in de wacht hadden gesleept – Pechtold, eerder al verwezen naar het smurfendebat, had wederom pech – direct aanschuiven bij Paul Witteman om de uitslag te duiden.

Evenals voor de winnaars was het duiden voor Mark Rutte niet zo moeilijk. Zijn partij had, hoe je het ook wendde of keerde, fors op de broek gekregen; daar kon geen onduidelijkheid over bestaan.

Jan Peter Balkenende had drie zetels verloren, maar constateerde met instemming dat zijn CDA veruit de grootste partij was gebleven met een fors zetelaantal – en duidde dat als ‘goud’.

Maar toen ontkwam ook Wouter Bos niet aan zijn duidplicht. Hoewel zijn PvdA het grootste verlies van allemaal had geleden, noteerde Wouter een grote winst voor links en constateerde hij dat de Nederlandse kiezer genoeg had van diezelfde Balkenende die zichzelf even tevoren de gouden medaille had omgehangen.

Wouter Bos heeft de hele campagne vergeefs gevochten tegen het hardnekkige imago van draaikont. Tegen iedereen die dat vindt, begin ik altijd met de vraag ‘Noem mij nou eens drie voorbeelden van draaikonterij’, om uiteindelijk te besluiten met ‘Eén voorbeeld, dan ben ik tevreden’; tot op heden heb ik nog geen enkel bevredigend antwoord kunnen optekenen. Maar hier verdraaide Bos de verkiezingsuitslag wel heel opzichtig.

Links heeft namelijk helemaal niet gewonnen; protest heeft gewonnen. SP wint, Wilders wint en, het is toch bij de beesten af, de Faunapartij wint. De rest verliest. Kortom, het moet weer eens helemaal anders. Weg met de oude politiek!

Ik weet niet precies tot wanneer de oude politiek teruggaat, misschien verwijst ‘oude’ wel naar de Oude Grieken, maar laten we nu als populair ijkpunt gewoon eens het jaar 1945 nemen; toen hadden we immers net een paar jaar politiek achter de rug die ik in de huidige betekenis niet zo snel als oude politiek zou willen duiden. Het land lag behoorlijk op zijn gat, en toen moesten uitgerekend de vertegenwoordigers van de oude politiek het land opbouwen. Wat heeft ons dat opgeleverd?

Zo rond de start van dit millennium leefden we al 55 jaar in vrede en volledige vrijheid. We waren wereldwijd een baken van tolerantie en verdraagzaamheid. We waren een van de initiatoren geweest van een Europese samenwerking die ons niets dan goeds bracht. We waren gewend geraakt aan een verzorgingsstaat waarin we geen omkijken meer hadden naar onze vaders en moeders en dus op basis van ons gemiddelde inkomen met een gerust hart drie keer per jaar de wereld rond konden reizen. En dan nog hielden we genoeg geld over om de tandsteen van onze hond of kat te laten behandelen. En de achterkamertjes? Die leverden ons burgemeesters waar niemand over te klagen had.

Ja, Mark Rutte, Nederland was zo goed als af. Natuurlijk, die ongebreidelde welvaart kon wat eerlijker verdeeld worden. Wat meer geld naar onderwijs kon geen kwaad om ons ook in de toekomst te verzekeren van een toppositie in het klassement Landen waar je het best kunt wonen.

Maar in plaats van gelukkig, trots, blij, dankbaar of op zijn minst toch tevreden maakte het succes van de oude politiek ons bovenal ontevreden en hongerig naar meer. En dus moest het allemaal anders. En het wérd anders: vrede en vrijheid staan onder druk, tolerantie en verdraagzaamheid zijn termen uit een grijs verleden en Europa kotsen we massaal uit.

Kan iemand me uitleggen waarom er in al die tijd geen enkele politicus is opgestaan die hardop gevraagd heeft om drie redenen waarom het nu werkelijk allemaal zo anders moet, om zich vervolgens tevreden te stellen met één, omdat er simpelweg geen reden is?

Als ik deze verkiezingsuitslag mag duiden, dan zou ik zeggen dat de oude politiek zich niet zo geforceerd moet gaan omvormen tot nieuwe politiek, maar zich moet inzetten om van al die nieuwe burgers met hun grote bek weer gewoon bescheiden, brave oude burgers te maken.

Meten met twee maatpakken

Minister Verdonk zat vrijuit te denken
Hoe zij de moslims nog verder kon krenken.
Een verbod op de boerka, kwam dat niet van pas?
Na een aanslag wil je toch weten wie zelfmoordenaar was!

Wij groeten elkaar en schudden de hand;
Vermomd over straat gaan past niet in dit land.
Herkenbaarheid is voor ons allen een plicht;
gooi dus snel die sluier af en toon je ware gezicht.

Ferry

Als overtuigd lid van de linkse kerk wachtte ik netjes op de publieke omroep, die op zijn beurt netjes wachtte tot het negen uur was geweest. Nog geen twee minuten later was de drang om de televisie maar weer uit te schakelen welhaast onbedwingbaar. Het was uiteindelijk Ferry Mingelen die mij, ondanks zijn flair van een zak aardappelen (bintje, geen eigenheimer, kruimig) de ganse avond aan de buis gekluisterd hield met de onderzoeksresultaten die hij ingefluisterd kreeg.

Nog geen twintig procent van de stemmen was geteld of Ferry wist al precies te melden van welke partijen al die SP-stemmers afkomstig waren. Ferry had ook laten uitzoeken of mensen misschien op de VVD hadden gestemd als Rita Verdonk de lijsttrekker was geweest, en ja hoor! Rita had wel 28 zetels behaald! Of Ferry ook rekening had gehouden met de mogelijkheid dat de enkeling die nu wel op de VVD had gestemd het wellicht niet had gedaan als Rita de lijst had aangevoerd, vertelde Ferry er niet bij, maar Ferry kennende zal hij dat vast in de analyse betrokken hebben.

Ferry wist ook te melden dat 61% van de vrouwen op Jan Marijnissen had gestemd. O nee, dat moest hij natuurlijk anders verwoorden: 61% van de SP-stemmers was vrouw.

Onderin liep ook continu een nieuwsbalk met opmerkelijke uitslagen. ‘PvdA wint alleen in Urk’, werd daar bijvoorbeeld gemeld. Vijf minuten daarvoor had ik met stijgende verbazing de uitslag van het vissersdorp aangehoord, waaruit bleek dat de PvdA van 0,7 naar 0,9% van de stemmen was gegaan; het gristenmonsterverbond van CDA, SGP en CU bezit daar 95%. Zeer opmerkzaam dus van de uitslagenredactie, die eerder al Oss was vergeten in de top 5 gemeenten met het hoogste percentage SP-stemmen.

Met het aanschouwen van zoveel amateurisme (je zou Geert Wilders nog bijna gelijk geven met zijn paranoïde insinuaties over de publieke omroep) kwam ik het avondje wel door, zij het tandenknarsend. Voor ik het wist was het twaalf uur, en bleken de echt interessante onderzoeken niet eens aan bod gekomen. Hoeveel procent van de mensen met blauwe ogen had op Wilders gestemd? Hoe had D66 het gedaan als Hans van Mierlo lijsttrekker was geweest? En de VVD met Wiegel? Toch een standaardvraag bij alle verkiezingen, maar deze keer zullen we het nooit weten.

Eén conclusie stond voor Ferry Mingelen echter onomstotelijk vast. Uitgerekend bij de enige prognose waarin de Lijst Vijf Fortuyn een schamel zeteltje kreeg toebedeeld, ontviel hem de volgende, onweerspreekbare analyse: ‘Fortuyn, ja, die komt niet meer terug, maar dat wisten we al langer.’

Vlijmscherp, Ferry.