Teksten

Deze website maakt gebruik van ‘teksten’. Dit zijn kleine combinaties van woorden, die bij het bezoeken van deze website kunnen worden opgeslagen op uw computer en in uw brein. Met behulp van teksten kunnen persoonlijke voorkeuren en interesses worden vastgelegd. Wij gebruiken teksten uitsluitend om onze website leesbaarder te maken en beter af te stemmen op de wensen en behoeften van de bezoekers.

Sinds juni 2012 is een nieuwe Telecommunicatiewet van kracht, die elke Nederlandse website en cabaretier verplicht om bezoekers vooraf te informeren over het gebruik van teksten en toestemming te vragen voor het gebruik ervan. Wij willen graag aan deze verplichting voldoen.

Teksten kunnen niet alleen gebruikt worden voor het opslaan van persoonlijke voorkeuren, maar ook voor het beïnvloeden en bepalen ervan. De teksten die wij op deze website gebruiken, hebben veelal ook dit oogmerk. Hoewel uw privacy hierbij nimmer in geding komt, willen wij u waarschuwen dat het accepteren van teksten op deze website langdurige gevolgen voor uw persoonlijke voorkeuren en interesses kan hebben.

Op deze website maken wij zowel gebruik van door onszelf geplaatste teksten (‘first-party teksten’) als van teksten van externe partijen (‘third-party teksten’). Om het gebruiksgemak van deze website te vergroten, gebruiken wij teksten van het Amerikaanse bedrijf WordPress. Deze teksten stellen bezoekers bijvoorbeeld in staat te reageren (door middel van een tekst) op de door ons geplaatste teksten. De informatie die hierbij verzameld wordt, wordt zo veel mogelijk geanonimiseerd en beperkt zich tot uw naam, schuilnaam, e-mailadres, IP-adres, woonplaats, gebruikte computer, browser, operating system, internetprovider en stemgedrag over de afgelopen 24 jaar. Dit alles conform de strenge wetgeving, die uitsluitend het vergaren van dergelijke functionele informatie toestaat.

Geef hieronder uw keuze aan:
Ik accepteer teksten van deze website
Ik accepteer geen teksten van deze website

Let op: als u teksten weigert, kunt u niet van alle mogelijkheden van deze website gebruikmaken. Accepteert u teksten wel, dan moet u deze later per computer en hersencel weer verwijderen. Meer informatie over het in- en uitschakelen en het verwijderen van teksten kunt u vinden op de opiniepagina van de Volkskrant.

N.B. Of u wel of geen teksten accepteert, slaan wij op door middel van een cookie.

Incontinent

Patiënten die incontinent zijn en (alsof dat nog niet erg genoeg was) hun zorgverzekering bij Achmea hebben, kunnen binnenkort een telefoontje verwachten van fabrikant TENA (vóór urineverlies, niet ertegen) om te bepalen hoe veel en welke incontinentieluiers zij nog vergoed krijgen. Het gaat daarbij voor de goede orde om een bezuinigingsmaatregel: Achmea wil minder incontinentiemateriaal gaan vergoeden.

Wie wil bezuinigen op de uitgifte van iets, doet er normaal gesproken verstandig aan de beoordeling van het gebruik ervan als allerlaatste aan de fabrikant toe te vertrouwen. Bovendien: hoe stel je telefonisch vast hoeveel urineverlies een persoon gemiddeld lijdt, met in het achterhoofd de bezuinigingsdoelstelling? Hoe voorkom je dat de patiënt zijn lekkage schromelijk overdrijft of naar de fles grijpt teneinde meer luiers vergoed te krijgen? Dat kan alleen iemand die bij Mart Smeets in de leer is geweest; voor de incontinente medemens natuurlijk dé druppel.

‘Aan de lijn heb ik een rare mevrouw uit Tiel, genaamd Tiny van Zetten, klopt dat?’
‘Ja, daar spr…’
‘En met Tiny van Zetten uit Tiel is iets heel geks aan de hand. Het begrip ‘incontinent’, zegt u dat iets? Tiny van Zetten is een hele grote mevrouw als het om incontinentie gaat, en dat betekent in gewoon Nederlands dat zij van onderen zo lek is als een vergiet. Zeg ik iets heel raars als ik dat zo zeg?’
‘Nou meneer…’
‘En je – mag ik je zeggen? – had nu dolgraag met een droge onderbroek dit gesprek gevoerd, is het niet?’
‘Tja…’
‘Maar dat is niet gelukt. Je hangt weer met een kletsnatte onderbroek aan lijn, nietwaar? Zo is het toch?’
‘…’
‘Ja… goed. Ik ga je nu misschien iets heel geks vragen, Tiny: kun jij ons als buitenstaanders uitleggen hoe on-waar-schijn-lijk veel urine jij verliest op een dag? We weten hoe dat ongeveer gaat: dáár komt die rare onberekenbare plas om de hoek zetten, je voelt hem als het ware aankomen maar pats boem dáár zit hij al in de onderbroek. En dan die ontlading! Subliem! Heb jij enig idee hoe on-waar-schijn-lijk vaak jou dat op een dag overkomt?’
‘Nou, dat vind ik een beetje lastig om zo te zeggen.’
‘Nee? Nu weet ik niets van lekkage behalve dat mijn dakgoot er wel eens last van heeft, maar onze mensen hier hebben het in de boeken nagezocht en jij, Tiny van Zetten, komt tot het magnifieke aantal van 368 druppels per dag. Daar neem ik mijn hoed heel diep voor af. Chapeau!’
‘Dank u.’
‘Het is misschien vreemd dat ik dit vraag, maar kun jij je voorstellen dat sommige mensen jaloers op jou zijn? Die persen zich het snot voor de ogen en dan gebeurt er nog niks, terwijl het jou geen enkele moeite kost, zo vloeiend als het gaat.’
‘Nee, eigenlijk niet.’
‘Goed. Nu is het zo dat wij in dat gekke land van ons een solidair zorgstelsel hebben. WE zijn solidair en WE betalen dus ook jouw luier omdat WE vinden dat dat goed is. Maar WE denken ook wel eens dat er zogezegd een eind aan ons geslachtsdeel komt omdat, als ik dat zo mag zeggen, in onze achtertuin geen geldbomen groeien. We hebben dus een beetje de pest aan jou, Tiny. Snap je dat? Dat wil je niet horen, maar ook dat is topsport. De blaas wacht op niemand.’
‘…’
‘Dan ga ik je tot slot, Tiny, want ik heb nog een bui-tengewone lijst met héél bijzondere gasten die op mij wachten, en dat moet allemaal in een uur, wat zeg ik, vijftig minuten geperst worden, dus dat wordt improviseren, maar we zien wel wat ervan komt, dan ga ik je tot slot nog iets heel raars vragen. Heb jij, Tiny van Zetten uit Tiel, op die wat zal het zijn vijftig vierkante meter in die sociale huurwoning van jou nog ruimte kunnen vinden voor een wasmachine?’
‘Ja, natuurlijk.’
‘En die doet het ook?’
‘Ja, natuurlijk.’
‘Dan hebben wij iets leuks voor je bedacht. Zegt het begrip ‘wasmiddel’ je iets? Dat is een uitvinding van die rare, maffe Amerikanen, overgewaaid naar dat mooie continent van ons. Dat gooi je bij die vieze stinkende natte onderbroeken van je in de trommel en hatsaaa! dáár komen ze eruit alsof er nooit iets gebeurd is. Grote strik eromheen en zeg maar merci en au revoir en senk joe tegen TENA! En dat ga ik ook tegen jou zeggen, Tiny van Zetten uit Tiel: merci en au revoir en blijf vooral lekker zitten in die sociale huurwoning van je, dan gaan wij hier in Londen op het incontinent, want dat is dat idiote eiland hier toch, een soort incontinent, dan gaan wij nog even verder, want zoals ik al zei heb ik nog héél bijzondere gasten die op mij wachten.
Bert van Marwijk, moest jij nog plassen? Goed zo.’

Marathon

In het Openluchttheater van Rotterdam kruip ik morgen in de huid van Phidippides, de onfortuinlijke boodschapper uit het Griekse dorpje Marathon zonder rijbewijs, die op de dag dat hij naar de hoofdstad werd gestuurd om te melden dat Sparta door een Atheense overwinning op FC Perzië geen kampioen meer kon worden – een zeldzaamheid in die tijd, we schrijven 490 v.C. – ontdekte dat zijn fiets gestolen was, en tot overmaat van ramp – maar ja, Griekenland hè – wegens een staking ook geen gebruik kon maken van het openbaar vervoer.

De barre voettocht van Phidippides naar Athene die het gevolg was van deze ongelukkige samenloop van omstandigheden – de arme man moest ook nog eens terug – is inmiddels in vele versies ten tonele gevoerd. Uit Kenia en omringende landen zijn surrealistische interpretaties bekend waarin gesuggereerd wordt dat Phidippides stiekem toch met de taxi ging, of van Marathon naar Athene geteleporteerd werd – niet voor niets een Grieks begrip. De Marathon van Rotterdam, morgen gratis te aanschouwen, is uitgebalanceerder opgezet, maar vergt met minimaal 3,5 uur wel het uiterste van de kijker – waarbij nog van geluk gesproken mag worden dat dit jaar niet voor de gelegenheid gestart wordt in Zwolle.

Duidelijk is nu al dat het stuk heftige reacties losmaakt. De kritieken zijn zeer wisselend: De Telegraaf is vernietigend in haar oordeel (nul sterren) en noemt het ‘een achterlijk stuk dat niets, maar dan ook helemaal niets met cultuur te maken heeft’, terwijl de Volkskrant ’een inktzwarte parodie op de menselijke overmoed’ ziet en het stuk vier sterren geeft.

Helaas zijn ook de meningen over de hoofdrolspeler niet onverdeeld positief: ‘In de try-outs kwam hij nog weg met zijn onervarenheid, maar het is zeer de vraag of hij klaar is voor het echte werk’, aldus NRC Handelsblad. Vol lof is men wel over de productie door Endemol (‘een waar spektakelstuk met 24.000 figuranten’ – Algemeen Dagblad) en de bescheiden bijrol van Carice van Houten, die Phidippides’ liefje Cassiopeia speelt. ‘De gracieusheid waarmee zij haar geliefde na 20 kilometer een banaan aanreikt, is werkelijk adembenemend’, aldus de Gooi- en Eemlander.

Ik bereid mij voor op een zware rol (behalve dan die passage ongeveer halverwege), waartegen mijn linkerenkel (en geef hem eens ongelijk) al de hele week protesteert.

Naar verluidt stortte Phidippides na het uitspreken van de woorden ‘We hebben gewonnen!’ ter aarde en overleed. Die sterfscène komt hoe dan ook in de voorstelling terug, maar ik hoop hem toch in ieder geval een moderne interpretatie te kunnen geven.

Moord

Wie dacht dat het wetenschappelijk onderzoek in Nederland te lijden heeft onder de bezuinigingsdriften van het kabinet-Rutte, komt dit weekend bedrogen uit. Vier jaar lang onderzocht een team van 25 experts de moord op Willem van Oranje in 1584, voor een itempje in het EO-programma Blauw bloed. Uitkomst: de kogelgaten in de muur van het Prinsenhof zijn echt, maar zijn historische laatste woorden heeft onze Vader des Vaderlands nooit uitgesproken.

Kosten noch moeite werden gespaard om de waarheid voor eens en voor altijd te achterhalen. Nadat na een jaar onderzoek definitief vastgesteld kon worden dat professor Barabas een fictief personage is, struinden de onderzoekers elke rommelmarkt en braderie op het noordelijk halfrond af op zoek naar een radslotpistool, dat in de reguliere handel nergens meer te verkrijgen bleek. Toen dat eenmaal gevonden was, kon de reconstructie beginnen.

Van de 963 opgetrommelde acteurs met een vergelijkbaar spraakgebrek als Willem van Oranje bleek er uiteindelijk geen enkele in staat om voor zijn overlijden de woorden ‘Mijn God, mijn God, heb medelijden met mij en met dit arme volk’ hoorbaar voor de lakei uit te spreken. Van de figuranten die de tekst in het Frans moesten uitspreken bezweek een enkeling nog voor het eerste schot was gelost; een van de acteurs met de Nederlandse tekst kwam tot ‘Mijn god, mijn god’, maar niet verder dan dat. De onderzoekers interpreteren deze uitspraak echter als een uiting van pijn, eerder dan een daadwerkelijke aanroeping van de Heer.

Het onderzoek bracht ook aan het licht dat Willem van Oranje naar alle waarschijnlijkheid niet beschikte over blauw bloed. De vraag is dan ook wat de waarde is van de ontdekking dat de kogelgaten in het Prinsenhof te Delft waarschijnlijk authentiek zijn, maar later door mensenhanden vergroot zijn. Is er, nu duidelijk is dat we aan alle kanten belazerd worden in dit verhaal, rekening gehouden met de hypothese dat de kogelgaten überhaupt later zijn aangebracht? Dat Willem op die fatale 10e juli een beroerte kreeg of onfortuinlijk van de trap af lazerde, maar dat zijn aanhangers later een moord met een vuurwapen ensceneerden om hem in 2004 meer kans te laten maken op de titel Grootste Nederlander aller tijden?

Sowieso, waarom forensisch experts laten onderzoeken of iemand 430 jaar geleden ‘Mon Dieu, aie pitié de mon âme, et de ce pauvre peuple’ kan hebben gezegd met drie kogels smeulend in zijn hersenpan? Kan een willekeurig weldenkend mensen niet inzien dat geen enkel levend wezen in de act van het vermoord worden op het idee komt geschiedenis te schrijven met zo’n welluidende oneliner?

Had dan niet iemand de onderzoekers even kunnen influisteren dat we die man godbetert Willem de Zwijger noemen, en niet Willem de Welbespraakte of Willem van zijn Famous Last Words?

Volgende week maakt de EO bekend of Eva in het paradijs een Granny Smith of een Jonagold aangereikt kreeg, of ze het klokhuis wel bij het GFT-afval deed, en hoe groot het vijgenblad van Adam moet zijn geweest om zijn geslacht te bedekken.

Vergetelheid

Een westers mens beschikt heden ten dage over zo verschrikkelijk veel rechten dat hij zo nu en dan het overzicht een beetje kwijtraakt. Zo werd ik me pas onlangs bewust van mijn recht op vergetelheid – of het moet me, qualitate qua, in de loop der tijd zijn ontschoten.

Het recht op vergetelheid: een prachtig welluidend begrip dat mij behalve als neerlandicus ook als sterk schaker met bijbehorend krankzinnig geheugen direct enorm aansprak. Nog altijd is het zo dat wanneer Mitsubishi per ongeluk in het nieuws is, onmiddellijk de reeks GX-09-NK in mijn hoofd opborrelt – het kenteken van het exemplaar dat mijn ouders begin jaren tachtig aanschaften – en meteen daarna komen alle nummerborden van de rest van de straat door de jaren heen onvermijdelijk omhoog. Het zou me een lief ding waard zijn om deze volslagen nutteloze informatie met de nare neiging tot stalking uit de betreffende hersenkwab te laten verwijderen met een beroep op het recht op vergetelheid, maar helaas: het recht op vergetelheid bleek niet ontworpen voor een dergelijke toepassing.

Vervolgens juichte ik ook te vroeg toen ik fantaseerde dat mensen als Mart Smeets misschien ook een recht op vergetelheid zouden hebben – nog los van het feit dat hij er natuurlijk nooit een beroep op zou doen. Dominique Strauss-Kahn zou het wel willen maar kan het ook uit zijn hoofd zetten: voor het leven getekend. En dat domme rayonhoofd dat door zijn eigen wak zakte? No fucking way recht op vergetelheid.

Enige research wees uit dat het recht op vergetelheid zijn oorsprong vindt in een eeuwenoude katholieke traditie, maar dan toegepast op internet: je doet iets waarvan je weet dat je het eigenlijk beter niet kan doen, zoals online schoenen kopen of al je exen googelen, vervolgens zeg je dat je er spijt van hebt en dat je wilt dat het nooit gebeurd was, en dan zegt oppergod Google of de God van het Schoeisel Zalando: ‘Geen probleem, meneer! We wissen per ommegaande al uw gegevens!’

Alles overziend valt het recht op vergetelheid me dan toch wat tegen. Er had meer in gezeten. Geen enkel weldenkend mens natuurlijk die iets kan inbrengen tegen dit prachtige voorrecht, maar laten we wel wezen: het lijkt een beetje een achterhoedegevecht dat, zo vrees ik, snel zelf aan de nietsontziende vergetelheid ten prooi zal vallen.

Een recht op vergetelheid in het echte leven, daar zie ik nog wel toekomst in. Maar nee: de grootste vergetelheidsmoedjahedien zijn te vinden op de sociale media. Juist zij die op een welhaast religieuze wijze invulling geven aan hun vermeende plicht tot vereeuwiging door iedere gelaten scheet zorgvuldig te documenteren, schreeuwen het hardst om het recht op vergetelheid (‘Deze scheet stonk zo erg, ik wil niet dat jullie die onthouden’).

Als ik een bedrijf was, zou ik het wel weten: ik zou het recht op vergetelheid uit alle macht omarmen, maar degenen die er aanspraak op willen maken wel een twintig pagina’s tellend formulier laten invullen.

Soa

‘Goedemiddag, ik zou graag een soa-test laten doen.’
‘Alweer? U was hier vorige week ook al!’
‘Ja, dat klopt, maar je weet het nooit hè…’
‘Maar toen zei u dat u nog nooit seks hebt gehad! Moet ik u feliciteren?’
‘Nee hoor, nog steeds niet.’
‘Wat hebt u dan gedaan in de afgelopen week waardoor u nu een nieuwe test wilt?’
‘Voornamelijk sudoku’s gemaakt.’
‘Nee, sorry, dan kan ik weinig voor u betekenen; u valt niet onder een van onze risicogroepen.’

Soa-klinieken voeren vanaf nu alleen nog soa-tests uit bij risicogroepen. In 2010 moesten de poli’s niet minder dan 105.000 consulten verwerken, maar de meeste bezoekers kwamen gewoon om gezellig te keuvelen onder het genot van het gratis kopje koffie, of zochten slechts hulp bij hun biologieproefwerk. Dat moest maar eens afgelopen zijn: met ingang van het nieuwe jaar word je niet meer binnengelaten als je bij aankomst niet ten minste 5 ml genitale pus kunt overhandigen, of als de schimmelculturen niet al door je spijkerbroek heen te identificeren zijn.

Tot de risicogroepen behoren jongeren tot 25 jaar, prostituees, hun bezoekers, homoseksuelen, hetero’s met veel wisselende contacten, ‘mensen met klachten’ (de menselijke pendant van jus met ingrediënten), mensen die gewaarschuwd zijn voor een soa en mensen uit landen waar veel hiv is, kortom IEDEREEN behalve Frans Bauer – maar er zal streng geselecteerd worden, ‘zodat de subsidie bij de juiste mensen terechtkomt’.

Het ware meer in de geest van het huidige kabinet geweest als het RIVM alleen nog de mensen buiten de risico-categorieën een gratis test zou aanbieden; als ze je extra laten dokken wanneer je vrijwillig een tweede studie gaat doen nadat je je krediet van overheidswege opgesoupeerd hebt, dan mag je je soa-test ook wel zelf betalen als je ervoor kiest om naar de hoeren te gaan. Waarom moet de maatschappij ervoor opdraaien als Henk het niet gewoon bij Ingrid houdt?

Ook de mensen uit landen waar veel hiv is worden geheel tegen de tijdgeest in buitengewoon gematst. Dat zij vanwege hun paspoort een verhoogd risico zouden lopen, is net zoiets als zeggen dat iemand met een strafblad wel Marokkaans zal zijn. Opmerkelijk genoeg lopen degenen die het doen met mensen uit landen waar veel hiv is geen risico; zij kunnen tegen betaling bij de huisarts terecht.

Wie nog gratis en anoniem getest wil worden, zal dus moeten aantonen dat hij of zij gerede kans maakt daadwerkelijk een soa te hebben. De praktijk zal moeten uitwijzen hoe streng er geselecteerd wordt bij de categorie ‘mensen met klachten’, en welke smoezen kwalificeren voor de categorie ‘mensen die gewaarschuwd zijn voor een soa’. Is het genoeg om één keer Gênante lijven op RTL5 gezien te hebben, of moet je een aangetekende brief van je vader of moeder kunnen overleggen (“Pas op zoon, de soa komt van links”)? Is de selectie al te streng, dan moet gevreesd worden voor een levendige handel in valse Zimbabwaanse paspoorten, of wordt de oud-Hollandsche smeekbede om S5 weer in ere hersteld – zij het deze keer niet omdat de jonge heer dienst weigert.

Wat vaststaat: als alleen risicogroepen getest worden, zal de uitslag in een groter percentage van de gevallen positief zijn. In de krant maken ze daar volgend jaar van dat het aantal mensen met een geslachtsziekte in een jaar tijd verdubbeld is. Dat zal leiden tot een hartenkreet vanuit de ‘enorm geschokte’ Tweede Kamer, waar men zal vinden dat iedereen zich gratis op soa’s zou moeten kunnen laten testen. Een jaar later kunnen de politici zichzelf vergenoegd in de spiegel kijken, omdat dezelfde foute rekensom dan een spectaculaire daling laat zien, waarna de cirkel weer rond is.

Kost een paar onopgemerkte chlamydia-gevallen, maar dan heb je ook niks.

Jobs

Toen Bill Gates de wereld in de jaren negentig écht veranderde en de mensheid de geneugten van het internet ontdekte vanachter de Windows-pc (ondertussen een gezond wantrouwen koesterend jegens de multimiljardair van de monopolistische producent Microsoft), was Apple een zieltogend bedrijfje waar alleen architecten en vormgevers nog bij zwoeren. Voor mij als student-redacteur waren het gouden tijden, want in de conversieslagen die vereist waren om mijn teksten op het scherm van een Mac te krijgen, gingen steevast alle diakritische tekens verloren, wat mij de nodige correctie-uurtjes opleverde.

‘Intuïtief’, heette dat dan geloof ik.

Denk ik aan Steve Jobs, dan denk ik al snel aan Godwin, dus ik zal moeten oppassen met mijn vergelijkingen. Maar ik zie wel aanhangers die kritiekloos achter hun ene leider aan lopen zoals alleen de grootste godsdienstwaanzinnigen dat kunnen, en die vind ik per definitie verdacht. Vaak wordt gezegd dat Apple een religie is, maar ik zou het eerder een achterlijke en kwaadaardige ideologie willen noemen.

Wanneer iemand zich in een commercial gelijk stelt aan mensen als Albert Einstein, Mahatma Gandhi en Martin Luther King (maar wonderlijk genoeg niet eens Ivo Niehe), dan vinden we dat normaal gesproken aanmatigend, maar in het geval van Steve Jobs noemen we het nu briljant. ‘Think different’: een slogan die minder van toepassing is op het keurslijf waar de inwoners van de heilstaat Macintosh in worden geperst, is nauwelijks denkbaar. Het curieuze: het volk accepteert zonder morren de extreem hoge accijnzen, betaalt met liefde voor iets wat in de rest van de wereld gratis is, begrijpt waarom er geen filmpjes in het verderfelijke Flash afgespeeld kunnen worden en vindt het een eer wanneer een app wordt afgewezen voor de heilige App Store.

Of is murw gebeukt door de sluwe, nietsontziende propagandamachine van de overheid, dat kan natuurlijk ook.

Het meest vernieuwende aan de producten die Apple het afgelopen decennium op de markt bracht, was behalve het fraaie design toch meestal vooral de aanschafprijs, en juist die geeft Alex en Sylvia dat gevoel van rijkdom dat een koper van een Apple-product op onverklaarbare wijze schijnt te overvallen. Apple is er onder leiding van Steve Jobs in geslaagd de massa te bedwelmen en haar veel te dure apparaten tot felbegeerde objecten voor iedereen te maken. Met die producten op zich kan dan ook weinig mis zijn, en met de gemiddelde bezitter evenmin.

Voor de gemiddelde bezitter was Steve Jobs echter irrelevant, zoals men altijd weinig op had met Bill Gates. Vraag op straat naar de oprichters van Google, toch een tikkeltje invloedrijker dan Apple, zou ik zo denken, en men moet het antwoord schuldig blijven. Maar Steve Jobs bracht ook Alex en Sylvia voort, de welhaast sektarische adepten die het Apple-evangelie te vuur en te zwaard verdedigen en daadwerkelijk vinden dat Steve Jobs de wereld beter heeft gemaakt. De groteske eerbetonen van de afgelopen dagen getuigen daarvan.

Albert Einstein zette de wetenschap op zijn kop, of zijn theorie nu achterhaald is of niet. Mahatma Gandhi toonde de wereld vreedzaamheid en Martin Luther King deed iets voor negers. Steve Jobs, hij ruste in vrede overigens, daar niet van, vond geen oplossing voor de honger in Afrika en deed weinig tegen kinderarbeid in Azië. Nee, hij maakte strikt genomen volslagen overbodige hebbedingetjes voor de elitemassa. Als hij de wereld al veranderde (ik zou zeggen: zijn bedrijf), dan door bakken met geld te verdienen aan het prikkelen van menselijke gevoelens als hebzucht en superioriteitsgevoel.